Algemene info betreffende dosagetabellen

  • Om de nierfunctie te schatten, wordt ervoor gekozen om pragmatisch te werk te gaan aan de hand van eGFR berekend volgens CKD-EPI.
  • Dosisaanpassingen op basis van KDIGO klassen voor acute nierinsufficiëntie (bij de nieuwe intraveneuze antibiotica voor behandeling van infecties met multiresistente kiemen worden gewijzigde intervallen gehanteerd):

                        < 15 ml/min.

                        15-29 ml/min.

                        30-59 ml/min.

                        60-89 ml/min

                        ≥ 90 ml/min. (= renaal hyperklaren)

  • Soms zijn er per antibioticum verschillende doseringschema’s:
    • SD (= standaard dosis)
    • HD (= hoge dosis) => aanbevolen in kader van I-rapportering. De kiem is gevoelig mits verhoogde blootstelling/ expositie (dus gebruik HD) of wanneer de klinische context een HD vereist.
    • EHD (= extra hoge dosis)

-> Wanneer maar één dosis vermeld is, is deze identiek voor standaard dosis en hoge dosis.

  • We spreken van ladingsdosis (LD) indien de eerste toediening om een hogere of afwijkende dosis gaat vergeleken met de onderhoudsdosis bij normale nierfunctie. In de andere gevallen gebruiken we de benaming eerste dosis (ED). Hier is de ED gelijk aan de OD bij een normale nierfunctie.
  • De LD of ED wordt nooit aangepast bij verminderde nierfunctie. Bij verminderde nierfunctie moet de dosis vanaf de onderhoudsdosis aangepast worden o.b.v. de geschatte glomerulaire filtratiesnelheid.
    • Uitzondering: voor de aminoglycosiden gebeurt dit op basis van de TDM aan hand van serumconcentraties.
  • Het tijdstip van de eerste OD na de LD/ED:
  • Intraveneuze antibiotica: het tijdstip wordt bepaald door de infusiemodus (i.e. intermittente versus verlengde/continue infusie). Bij intermittente infusie wordt de eerste OD gegeven na het aangegeven dosisinterval. Bij verlengde en continue infusie wordt de eerste OD gegeven onmiddellijk na inlopen van de LD/ ED (= streefdoel). Als hiervan wordt afgeweken, staat dit vermeld in de kolom “opmerkingen”. Voor intermittente infusie hebben wij gekozen om het startuur van toediening van de OD weer te geven bij normale nierfunctie. Bij sommige antibiotica wijzigt echter de toedieningsfrequentie in functie van de nierfunctie. Hierdoor wijzigt ook het interval tussen de LD/ED en de OD.
    • Orale antibiotica: het tijdstip wordt bepaald o.b.v. toedieningsfrequentie. Bij bepaalde antibiotica wijzigt de toedieningsfrequentie in functie van de nierfunctie. Hierdoor wijzigt ook het interval tussen de LD/ED en de OD.

            Voorbeeld cefadroxil PO:

            Doseerschema bij normale nierfunctie: 2 x 1g/d.

            OD 12 uur na de eerste dosis.

            Doseerschema indien GFR < 30 ml/min.: 1 x 500 mg/d of 1 x 1g/d.

            OD 24 uur na de eerste dosis.

  • De dosis van sommige antibiotica kan verschillen afhankelijk van de indicatie.
  • De gids is opgesteld met als belangrijkste bron de IGGI gids versie 2.0.
  • Bij IHD wordt weergegeven wanneer het antibioticum best wordt toegediend (en dit enkel voor de dialyseerbare antibiotica).